Tijdens het schrijven van het laatste deel over de legaliteit van web scraping, merkte ik dat ik steeds het nodige omtrent intellectueel eigendom (ook: IE) moest uitleggen. Daarom besloot ik deze blog te schrijven, zodat je beknopt en efficiënt op de hoogte wordt gesteld van de basisprincipes en waarom het relevant is voor jou als developer, techneut of (tech-)enthousiast. Hierbij bespreek ik onderwerpen zoals het auteursrecht, octrooirecht, databankenrecht, handelsgeheimen en merkenrecht. Ik leg deze begrippen uit en licht ze toe, zodat ik in toekomstige IE-blogs naar deze blog kan refereren.
Kleine noot vooraf: ik voeg de cijfers (of identifiers) van aangehaalde wetten en uitspraken toe in deze blog. Dat lijkt wellicht overkill, maar daardoor kun je, zonder te twijfelen of je het juiste stuk voor je hebt, zelf verder op onderzoek uitgaan indien je ergens geïnteresseerd in bent.
In het kort: een spoed, spoedcursus
Voor degenen die zo snel mogelijk de kern van verschillende intellectueel eigendomsrechten willen weten, heb ik hier een (extreem) verkorte weergave opgenomen van zowel de behandelde als niet-behandelde rechten. Na dit stukje volgt de inhoudelijke blog.
Behandelde rechten
Auteursrecht: beschermt creatieve werken zoals softwarecode, zodra deze zijn gemaakt en vastgelegd. Auteursrecht ontstaat automatisch en stelt ontwikkelaars in staat om het gebruik en de verspreiding van hun werk te controleren.
Octrooirecht: bescherming voor technische uitvindingen die nieuw, inventief en industrieel toepasbaar zijn. Octrooien vereisen registratie en geven exclusieve rechten voor een beperkte periode.
Databankenrecht: beschermt investeringen in het verzamelen, verifiëren en presenteren van gegevens in databanken. Het databankenrecht is een sui generis recht dat naast andere IE-rechten bestaat.
Handelsgeheimen: bedrijfsinformatie die geheim wordt gehouden en concurrentievoordeel oplevert. Geen registratie vereist; bescherming tegen onrechtmatig gebruik hangt af van de inspanningen om de informatie geheim te houden.
Merkenrecht: bescherming voor onderscheidende tekens (zoals logo's en namen) die producten of diensten van een bedrijf identificeren. Merkregistratie is nodig voor exclusieve rechten en helpt bij het voorkomen van inbreuk en verwarring in de markt.
Niet-behandelde rechten
Chipsrecht: ook wel halfgeleiderrecht, beschermt de topografie van halfgeleiderproducten. Het is bedoeld om de investeringen van producenten te beschermen en bevordert innovatie in de halfgeleiderindustrie. Registratie is vaak vereist voor bescherming.
Kwekersrecht: beschermt de exclusieve rechten van ontdekkers en veredelaars van planten (boeren, onderzoekers, telers etc.) op nieuwe plantenrassen.
Naburige rechten: zijn aanvullend op het auteursrecht en beschermen partijen als uitvoerende artiesten, platenmaatschappijen en radiozenders.
Handelsnamenrecht: beschermt de naam van organisaties. Het voorkomt verwarring bij consumenten en ander publiek, beschermt de naam van organisaties en verbiedt misleidende (bijna) identieke namen van concurrenten.
Tekeningen- en modellenrecht: praktisch hetzelfde als auteursrecht, maar ontstaat niet vanzelf; moet worden geregistreerd. Biedt door registratie wel ruimere bevoegdheden om op te treden tegen (vermoedelijke) inbreuken.
Auteursrecht
Door het auteursrecht worden creatieve werken zoals softwarecode, ontwerpen, afbeeldingen en teksten tot 70 jaar na de dood van de maker beschermd. In Nederland is het auteursrecht geregeld in de Auteurswet en ontstaat het automatisch wanneer een Een werk is een maaksel van "letterkunde, wetenschap of kunst" volgens art. 1 Auteurswet. Voor een uitgebreide opsomming kun je art. 10 Auteurswet raadplegen.een “eigen oorspronkelijk karakter en persoonlijk stempel van de maker” draagt.
In de EU heeft het Hof van Justitie in onder meer Bron: Hugenholtz, P. B., & Quintais, J. P. (2021). Copyright and Artificial Creation: Does EU Copyright Law Protect AI-Assisted Output? International Review of Intellectual Property and Competition Law, 52(9), 1190–1216. https://doi.org/10.1007/s40319-021-01115-0 het criterium van “the author’s own intellectual creation” geformuleerd. Deze twee verschillende criteria komen praktisch op hetzelfde neer: heeft de auteur zelf (origineel/geen kopie), persoonlijke, creatieve keuzes gemaakt?
Een voorbeeld: fotografie
Tijdens mijn master kreeg ik van prof. Maurice Schellekens een goede vraag hierover die mij als hobbyfotograaf aansprak. Hij liet een foto zien van (ik geloof) een toren in een stadje en vroeg toen klassikaal of deze foto als werk kon worden aangemerkt. Al snel dacht ik hierover na en kwam ik, net als mijn medestudenten, tot de conclusie dat het een eigen intellectuele creatie van de fotograaf was. Ondanks dat de betreffende toren misschien al honderd keer is gefotografeerd, maakte de fotograaf bepaalde artistieke keuzes. Waarschijnlijk dacht de fotograaf na over het oogpunt van de foto, het diafragma van de camera, de sluitersnelheid en misschien de tijd van de dag. Daardoor kan een beeld dat misschien wel honderd keer is gefotografeerd, honderd unieke werken opleveren die ieder door auteursrecht zijn beschermd. Dat vond ik een zeer duidelijk voorbeeld om het auteursrecht te illustreren.
Een belangrijk aspect van het auteursrecht is het uitsluitend recht van de maker om het werk te reproduceren, distribueren, openbaar maken en er afgeleide werken van te maken. Dit betekent dat niemand anders dan de maker deze handelingen mag uitvoeren, zonder toestemming van de maker. Zoals je ziet gaan er behoorlijk wat rechten en vrijheden gepaard met het auteursrecht. Daarom is het van belang dat je optreedt tegen inbreuken, zodat je als maker de vruchten van je creatieve inspanningen kunt (blijven) plukken.
Het copyrightsymbool
Dan een vraag die ik weleens in de context van optreden tegen inbreuken tegenkom: “hoe zit het met dat ©-symbool?.” Waarschijnlijk heb je dit bekende icoontje weleens achter teksten of afbeeldingen zien staan. Saillant detail hierbij is dat dat auteursrechticoontje helemaal geen vereiste is in bijna de hele wereld (zie art. 5 lid 2 Berner Conventie), en daarmee Nederland, om ergens auteursrecht op te vestigen. In landen die de Berner Conventie hebben ondertekend (inmiddels 181 landen, waaronder alle EU-lidstaten), ontstaat auteursrecht namelijk automatisch wanneer een werk wordt gecreëerd.
Hoewel dit in de Verenigde Staten (hierna: VS) formeel ook zo is doordat zij de Berner Conventie De VS ondertekende de conventie pas op 1989, 103 jaar na 1886, toen de conventie werd opgesteld. Dat is, in vergelijking met andere landen, ontzettend laat., heeft ondertekend, wordt het registeren van auteursrecht daar sterk aangemoedigd. Dat heeft te maken met het feit dat de registratie van auteursrecht in de VS een voorwaarde is om bij een federale rechtbank een inbreukzaak te beginnen. Dat, gepaard met voordelen als het na registratie kunnen verhalen van advocaatkosten op inbreukmakers, zorgt er in de praktijk voor dat de VS anders omgaat met auteursrecht.
Hierdoor is, volgens mij, de misconceptie bij het grote publiek ontstaan dat een ©-icoontje en/of registratie nodig is om werken te beschermen. Waar wel een rol voor het icoontje is belegd, is het kenbaar maken van een origineel werk. In feite doet het icoontje niets, maar het laat wel op makkelijke wijze zien dat een bepaald werk beschermd is, en wie de maker is. Dat is handig om te weten, omdat de maker van een beschermd werk in staat wordt gesteld anderen te verbieden het werk zonder toestemming te kopiëren, verspreiden, aanpassen of op andere wijze te gebruiken.
Zorg daarom dat je altijd toestemming krijgt van de maker wanneer je bijvoorbeeld afbeeldingen of muziek in je project gebruikt, of gebruik creative commons-werken. In dat laatste geval heeft de maker een creative commons-licentie uitgegeven voor het werk, waardoor vaak alleen de naam van de maker vermeld hoeft te worden. In gevallen waarbij je bijvoorbeeld tekst kopieert, kun je gebruikmaken van het citaatrecht. Dat is een van meerdere uitzonderingen (die buiten de reikwijdte van deze blog vallen) die ervoor zorgen dat je een werk toch mag gebruiken. Zorg er ook hier voor dat je duidelijk de naam van de maker opneemt en kopieer niet het hele boek, maar hooguit enkele regels. Wel zo netjes.
Interessante zaak voor developers
Een interessante zaak die ik nog graag behandel, speciaal voor de developers, is SAS Institute Inc. tegen World Programming Ltd (C-406/10). SAS Institute had een softwarepakket ontwikkeld waarna World Programming Ltd een concurrerend product creëerde dat compatibel was met SAS-software (en gebruikmaakte van de unieke SAS-programmeertaal) door de functionaliteit ervan te bestuderen en na te bootsen. In het kort ging deze zaak om de vraag of je inbreuk maakt op het auteursrecht van iemand anders, door zijn/haar programma te kopiëren, met dezelfde functionaliteit en gebruikte programmeertaal, zonder de broncode te hebben gezien. World Programming wist de software van SAS Institute dus te kopiëren, enkel door de software te bestuderen, observeren en testen.
Het Europese Hof van Justitie oordeelde dat functionaliteit en programmeertalen niet beschermd zijn door het auteursrecht, maar dat de onderliggende broncode van die functionaliteiten wel auteursrechtelijk beschermd kunnen zijn. Ook mag je, mits je de software legitiem hebt verkregen, gewoon rondsnuffelen en de software testen (Reverse engineering is het proces waarbij een bestaand product, systeem of software (regelmatig van een concurrent) wordt gedomnteerd om te begrijpen hoe het werkt en om de onderliggende principes, structuur of werking ervan te achterhalen.), zolang je de licentie niet schendt. Samenvattend, inbreuk op het auteursrecht wordt Houd daarbij wel rekening met het feit dat andere elementen van een product, zoals grafische elementen en teksten, wel nog auteursrechtelijk beschermd kunnen zijn.
Octrooirecht
Het octrooirecht speelt een cruciale rol bij het beschermen van technische innovaties en uitvindingen binnen de EU en Nederland. In de EU is octrooirecht gestandaardiseerd (juristen spreken van geharmoniseerd) via het Europees Octrooiverdrag, dat een uniform systeem biedt om octrooien (patenten in de volksmond) aan te vragen en te verkrijgen in de lidstaten. In Nederland wordt het octrooirecht geregeld door de Rijksoctrooiwet 1995. Om voor octrooibescherming in aanmerking te komen, moet een uitvinding voldoen aan drie basisvereisten: nieuwheid, inventieve stap en industriële toepasbaarheid.
Nieuwheid
Nieuwheid houdt in dat de uitvinding (uiterlijk zes maanden voor de aanvraag) nergens openbaar bekend mag zijn voordat de octrooiaanvraag (of: octrooiaanvrage voor de puristen) wordt ingediend. Dus ook jijzelf mag je uitvinding nergens openbaar hebben gemaakt. Dit element is vereist omdat jouw uitvinding niet tot de huidige stand van de techniek mag behoren.
Hierbij is de gedachte dat, op het moment dat iets al bekend is, het dus niet nieuw kan zijn. Hiermee wordt voorkomen dat octrooien voor ‘uitvindingen’ worden aangevraagd, die allang bekend zijn. Door reeds bestaande uitvindingen uit te sluiten, wordt innovatie gestimuleerd (uitvinders moeten blijven innoveren en met nieuwe ideeën komen), informatie in het Het publieke domein omvat alle werken die niet, of niet meer door het intellectueel eigendomsrecht worden beschermd.beschermd en monopolies op bestaande kennis voorkomen.
Inventiviteit
De inventieve stap betekent dat de uitvinding niet voor de hand liggend mag zijn voor een vakman in het betreffende vakgebied. In het Engels wordt zo een persoon aangeduid als een person skilled in the art, een term die je vaak tegenkomt. Als je bijvoorbeeld een octrooi wil aanvragen voor een handigheid met een hamer die menig timmerman kent, dan strandt die aanvraag op het inventiviteitsvereiste. Dit zorgt ervoor dat alleen écht innovatieve ideeën worden beschermd. Geen zorgen, je revolutionaire sokken-uitvinding voldoet hier vast aan.
Industriële toepasbaarheid
Industriële toepasbaarheid vereist dat de uitvinding op industriële schaal kan worden toegepast. Dus, als je een machine hebt bedacht die slechts één keer werkt en daarna uit elkaar valt, is het misschien niet de meest geschikte kandidaat voor octrooibescherming. Daarnaast moet een octrooi niet alleen een technisch probleem oplossen, maar ook een technische uitvoering hebben. Daarom zou je (los van de eis van nieuwheid; er is immers al over geschreven) een hypothetisch concept als een Dyson sphere op dit moment niet kunnen octrooieren.
Als je eenmaal een octrooi hebt, geeft dit je het exclusieve recht om de uitvinding te gebruiken, verkopen of licentiëren gedurende een bepaalde periode, meestal 20 jaar. Daarbij is het belangrijk te weten dat octrooien ook nationale grenzen hebben. Een Nederlands octrooi beschermt je uitvinding alleen binnen Nederland. Wil je Europese of zelfs wereldwijde dekking? Dan moet je een Europese of internationale octrooiaanvraag indienen. Doordat een octrooi al gauw in de kosten loopt bij een hogere dekkingsgraad, is het zeldzaam voor niet-multinationals om wereldwijde octrooien te hebben. Daardoor zie je dus regelmatig kopieën van producten in landen waar, over het algemeen, de kosten van het octrooi niet opwegen tegen de afzetmarkt of potentiële inbreuk.
Merkenrecht
Dit recht beschermt onderscheidende tekens zoals namen, logo's en slogans die worden gebruikt om producten of diensten van een bedrijf te identificeren. In de EU en Nederland wordt het merkenrecht gereguleerd door respectievelijk de Europese Merkenrichtlijn (2015/2436) en Uniemerkverordening (2017/1001), en het Benelux-verdrag.
Een merk is een teken dat producten of diensten van een onderneming onderscheidt van die van andere ondernemingen. Dit kan bijvoorbeeld een naam (e.g. Microsoft), logo (Recht & Robots logo op deze website), slogan (Just do it, Nike), geluid (Windows-geluid) of zelfs een specifieke kleur (ING-oranje) of hologram (mijn voorbeelden zijn op) zijn. Interessant detail is dat, ondanks dat het sinds nieuwe Europese wetgeving mogelijk is, geur, smaak en gevoel (in de zin van hoe iets aanvoelt) te registeren, deze tot op heden niet als handelsmerk zijn geaccepteerd (zover ik kon vinden in de registers).
Door een merk te registreren, verkrijg je exclusieve rechten op het gebruik ervan in verband met de aangegeven producten of diensten. Dit helpt je om je merkidentiteit te beschermen en anderen ervan te weerhouden een vergelijkbaar merk te gebruiken dat verwarring kan veroorzaken.
Om een merk succesvol te registreren, moet het onderscheidend en niet beschrijvend zijn voor de producten of diensten waarvoor het wordt gebruikt. Zo werd in de zaak Doublemint (C-191/01P) geoordeeld dat de merkaam "Doublemint" voor kauwgom niet kon worden geregistreerd, omdat het beschrijvend was voor de kenmerken van het product. Als je dus een wachtwoordmanager ontwikkelt en deze Secure Password Manager zou noemen, kan je het merk niet registreren. Deze naam is te generiek en beschrijvend om als merk onderscheidend te zijn. Als je je parfum zo zou noemen, zou dat wel weer kunnen. Zoals je kunt zien zou een carrière als parfumnaamgever voor mij niet kansrijk zijn.
Registratie van een merk kan worden aangevraagd bij het Benelux-Bureau voor Intellectuele Eigendom (BBIE) voor de Benelux, of het Europees Merkenbureau (Engelse afkorting: EUIPO) voor een Europese merkregistratie. Een Europese merkregistratie geeft je bescherming in alle EU-lidstaten, wat handig kan zijn als je ambities hebt om je producten of diensten in de hele EU aan te bieden. Daarnaast kan een ‘wereldwijd’ merk worden geregistreerd bij de World Intellectual Property Organisation (WIPO), waarmee je je merk in de 110 aangesloten landen kunt beschermen. In minder landen mag natuurlijk ook.
Zodra je merk is geregistreerd, dien je het actief te gebruiken en inbreuk door anderen aan te pakken. Wanneer je geen gebruik maakt van je merk in een periode van vijf jaar, kan je merk vervallen worden verklaard. Dan houdt de bescherming die het merk krijgt op te bestaan. In sommige gevallen kan een merk vervallen worden verklaard als het niet binnen een periode van vijf jaar na registratie is gebruikt. Dus, use it or lose it.
Handelsgeheimen
Handelsgeheimen (of bedrijfsgeheimen) betreffen vertrouwelijke informatie, zoals geheime saus- of frisdrankrecepten, algoritmes, bedrijfsprocessen of klantenlijsten, die waarde hebben voor een bedrijf en niet algemeen bekend zijn. Ze hebben een unieke positie, omdat ze wel behoren tot het intellectueel eigendom maar niet tot het intellectueel eigendomsrecht. Een kleine nuance die inhoudt dat je geen exclusief recht hebt op je handelsgeheim en dus ook niet kan optreden tegen concurrenten die het geheim ontdekken en zelf gebruiken.
De kern van het handelsgeheim is dat het vertrouwelijke informatie betreft. Om als handelsgeheim beschermd te worden, moet de informatie aan drie voorwaarden voldoen: het moet geheim zijn, handelswaarde hebben door het geheim te houden, en er moeten redelijke maatregelen genomen zijn om het geheim te bewaren. Dat is opgenomen in de Wet bescherming bedrijfsgeheimen. Hierbij gaat het enkel om bescherming tegen onrechtmatig verkregen handelsgeheim zoals (bedrijfs)spionage, afpersing of diefstal. Indien een concurrent het geheim zelf ontdekt, al dan niet na grondig onderzoek of reverse engineering, of op andere legitieme wijze verkrijgt, geldt de bescherming niet.
Voor technici kan het handelsgeheim een interessant alternatief zijn voor andere vormen van intellectueel eigendom, zoals octrooien. Waar octrooien beperkt zijn in tijd en openbaar worden gemaakt waardoor de uitvinding na verloop van het octrooi kan worden gekopieerd, kan een handelsgeheim oneindig lang beschermd blijven. Daarnaast kost een handelsgeheim niets om te beschermen en kan het breder zijn dan het auteursrecht dat op broncode berust. Toch is er een keerzijde: als iemand zelf jouw geheime informatie achterhaalt (door bijvoorbeeld reverse engineering of een toevallige ontdekking), heb je geen enkele bescherming. Dit in tegenstelling tot octrooien, die ook bescherming bieden tegen onafhankelijke ontdekkingen.
Databankenrecht
Databankenrecht kan gezien worden als een verre neef van het auteursrecht, speciaal in het leven geroepen om de makers van databanken te beschermen. In de Europese Unie is het databankenrecht geharmoniseerd middels de Databankenrichtlijn (96/9/EG). In Nederland is dit recht geïmplementeerd in de Databankenwet. Het databankenrecht beschermt de investeringen in het creëren van de databank, ongeacht of de inhoud daarvan beschermd is door auteursrecht of andere intellectuele eigendomsrechten zoals het merkenrecht.
Belangrijk is dat het databankenrecht een sui generis (Latijn: enige van zijn soort) recht is, wat betekent dat het voor een specifieke, unieke toepassing in het leven is geroepen. Juristen houden van decadent Latijn. Dat betekent dat het niet onder andere rechten te scharen is. Immers, doorgaans zou je geen databank kunnen maken die auteursrechtelijk werk van anderen bevat. Mede daardoor is een uniek recht in het leven is geroepen, zodat het voor databanken dus mogelijk is om beschermd te worden, ondanks dat ze zonder het databankenrecht onrechtmatig zouden zijn.
Om de kwalificatie ‘databank’ te krijgen, moet aan een aantal voorwaarden worden voldaan. Zo moet het een verzameling van systematisch geordende gegevens zijn, waarbij de bestanddelen zelfstandige elementen vormen. Ze moeten dus in willekeurige volgorde geraadpleegd kunnen worden; Bron: Databankenrecht. (z.d.). Benelux-Bureau voor de Intellectuele Eigendom. https://www.boip.int/nl/ondernemers/intellectuele-eigendom/databankenrecht want het boek is niet meer logisch als je de hoofdstukken willekeurig leest. Tot slot dient aan het criterium van de substantiële investering, van tijd en/of geld, te worden voldaan. Daarbij moet, volgens het Hof van Justitie in British Horseracing Board v. William Hill (C-203/02), sprake zijn van een substantiële investering in het verzamelen, verifiëren of presenteren van de gegevens. Voldoe je daaraan? Dan ontstaat net als bij het auteursrecht automatisch een recht dat je creatie beschermt. In tegenstelling tot het auteursrecht, is de bescherming van een databank wel ‘maar’ vijftien jaar geldig.
Wat is de rol van het auteursrecht bij databanken?
Een hele goede vraag (vraag me af welk genie deze vraag heeft gesteld?), waarvoor ik mijzelf toch weer even flink in het onderwerp moest verdiepen om een helder antwoord te geven.
Wanneer je voldoet aan de criteria van het auteursrecht, zoals originaliteit en persoonlijke keuzes, kan je databank beschermd worden door het auteursrecht. Daarmee bescherm je de creatieve inspanning, terwijl het databankenrecht de investering in tijd en/of geld beschermt. Dan heb je dus twee rechten naast elkaar, die ieder een deel van de databank beschermen. In dat geval beschermt het auteursrecht de originele structuur, ordening en selectie van specifieke gegevens en het databankrecht de investering in het verifiëren en presenteren van gegevens, en het bouwen en onderhouden van de databank. Je kunt je voorstellen dat databanken niet snel origineel en creatief zijn. Dat is precies de reden dat het databankenrecht in het leven is geroepen; makers zijn dan alsnog beschermd.
Resterende intellectueel eigendomsrechten
In deze blog heb ik de, voor technologieprofessionals, belangrijkste intellectuele eigendomsrechten behandeld. Naast die rechten, bestaan ook nog andere IE-rechten. Hoewel deze buiten de reikwijdte van deze blog vallen, is het goed om te weten dat ze bestaan zodat je er eventueel zelf meer over kan lezen. Daarom heb ik een (erg) korte samenvatting van ze opgenomen onder de eerste kop van deze blog.